Evaluatie van levensbedreigende situaties.

Inleiding:

Wat: Levensbedreigende situaties kunnen heel verschillend zijn. Het slachtoffer kan bewust of bewusteloos zijn, ernstig bloeden of brandwonden vertonen. Toch hebben al deze situaties één gemeenschappelijk kenmerk: er is namelijk altijd een onmiddellijke bedreiging voor één of meer vitale functies.
Bewustzijn - ademhaling - bloedcirculatie. Als één van die functies uitvalt, ontstaat er meteen een levensbedreigende situatie.
Oorzaken: zeer uiteenlopende voorbeelden: - auto-ongeval met zwaargewonden - val van een ladder - onwel worden in een slecht verluchte badkamer - plotse hartaanval.
Gevaren: - overlijden van het slachtoffer - bij zuurstoftekort ontstaat er al na 3 minuten hersenbeschadiging, snel gevolgd door overlijden.

Waarnemingen en eerste hulp:

Hoe verschillend levensbedreigende situaties ook kunnen zijn, toch moet je als hulpverlener steeds dezelfde vier stappen zetten:

- veiligheid eerst.
- vaststellen van bewustzijn en ademhaling.

- verwittigen van gespecialiseerde hulp.
- verdere eerste hulp en basisregels van eerste hulp.

Binnen elke stap moet je altijd eerst waarnemen en daarna pas handelen.

Veiligheid eerst: Eerst en vooral moet je instaan voor de veiligheid van jezelf, de slachtoffers en de omstaanders zodat er niet nog meer slachtoffers vallen.
Waarnemen: wat is er gebeurd en wat zijn de gevaren? Probeer op een actieve wijze, met gebruik van al je zintuigen te weten te komen wat er gebeurd is en welke gevaren er zijn voor jezelf, voor het slachtoffer en voor de omstaanders. Luister: bv. sputteren van een motor. Ruik: bv. lekkende benzine. Kijk: bv. rook die van onder een deur komt. Luister ook naar het verhaal van het slachtoffer of van de omstaanders zodat je te weten komt wat er is gebeurd.

Handelen: zorg voor de veiligheid.

Na het waarnemen komt steeds het handelen: zodra je de gevaren kent, moet je zorgen voor de veiligheid.

Doe een beroep op de omstaanders. Zorg dat alle nodige veiligheidsmaatregelen worden genomen. Spreek omstaanders individueel aan. Geef korte maar heel concrete, duidelijke opdrachten. Als je niet alle gevaren kunt uitschakelen verwittig de 112 of 100. Neem in geen geval onnodige risico's voor jezelf, voor het slachtoffer of voor de omstaanders: je riskeert daardoor alleen maar de noodsituatie te verergeren.
Verplaats nooit een slachtoffer, tenzij het echt noodzakelijk mocht blijken.

© 2010 Ronald Gauwberg All rights reserved | design: www.johansgraphics.com